Vragen? Bel 030-698 20 35

Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en de Wet gemeentelijke
basisadministratie persoonsgegevens in verband met het wijzigen van de
voorwaarden voor en de bevoegdheid ter zake van wijziging van de vermelding van
het geslacht in de akte van geboorte

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje Nassau, enz.
enz. enz.
Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de voorwaarden voor wijziging
van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte die bestaan uit fysieke
aanpassing aan het gewenste geslacht en absolute onvruchtbaarheid, te doen vervallen, en
voorts de bevoegdheid om tot bedoelde wijziging over te gaan een bevoegdheid van de
ambtenaar van de burgerlijke stand te doen zijn, en dat daartoe met name afdeling 13 van
titel 4 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek dient te worden gewijzigd;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen
overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en
verstaan bij deze:


Artikel I
Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 20 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, aanhef, wordt tussen “of van een huwelijk,” en “alsmede van rechterlijke
uitspraken” ingevoegd: wijziging van de vermelding van het geslacht na een aangifte als
bedoeld in artikel 28,.
2. In het eerste lid, onder a, vervalt de zinsnede “een last tot wijziging van de vermelding van
het geslacht,”.
B
Afdeling 13 van titel 4 komt als volgt te luiden:
Afdeling 13 Wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte

Artikel 28
2
1. Iedere Nederlander van zestien jaar of ouder die de overtuiging heeft tot het andere
geslacht te behoren dan is vermeld in de akte van geboorte, kan van die overtuiging aangifte
doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie de desbetreffende akte berust.
Indien de akte van geboorte niet hier te lande in de registers van de burgerlijke stand is
ingeschreven, geschiedt de aangifte bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de
gemeente ’s-Gravenhage.
2. Voor de toepassing van het eerste lid en het derde lid alsmede de artikelen 28a en 28b
wordt onder akte van geboorte mede verstaan een akte van inschrijving van een buiten
Nederland opgemaakte akte van geboorte of van een beschikking als bedoeld in artikel 25c.
3. Degene die de Nederlandse nationaliteit niet bezit kan een aangifte als bedoeld in het
eerste lid doen, indien hij gedurende een tijdvak van ten minste één jaar, onmiddellijk
voorafgaande aan de aangifte, woonplaats in Nederland heeft en een rechtsgeldige
verblijfstitel heeft. In dat geval wordt tevens een afschrift van de akte van geboorte
overgelegd.
4. De minderjarige van zestien jaar of ouder is bekwaam tot het doen van de in het eerste lid
bedoelde aangifte ten behoeve van zichzelf, alsmede om ter zake in en buiten rechte op te
treden.

Artikel 28a
Bij de aangifte wordt overgelegd een verklaring van een deskundige die behoort tot een bij
algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie van deskundigen inzake
genderdysforie, afgegeven ten hoogste zes maanden voor de datum van de aangifte. De
deskundigenverklaring bevat het oordeel dat de overtuiging van degene op wie de aangifte
betrekking heeft dat hij tot het andere geslacht behoort dan in de akte van geboorte is
vermeld, als van blijvende aard is te beschouwen gelet op daarbij te vermelden feiten of
omstandigheden.

Artikel 28b
1. Indien aan artikel 28a is voldaan voegt de ambtenaar van de burgerlijke stand aan de akte
van geboorte een latere vermelding toe van wijziging van het geslacht. Artikel 27 is van
overeenkomstige toepassing.
2. In het in de eerste zin van het eerste lid bedoelde geval kan de ambtenaar van de
burgerlijke stand desverzocht tevens overgaan tot wijziging van de voornamen van degene
op wie de aangifte betrekking heeft.
3. In het geval bedoeld in artikel 28, eerste lid, tweede zin, schrijft de ambtenaar van de
burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage de akte van geboorte tevens in het
register van geboorten van die gemeente in.
3

Artikel 28c
1. De wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte heeft haar
gevolgen, die uit dit boek voortvloeien, vanaf de dag waarop de ambtenaar van de
burgerlijke stand aan de akte van geboorte een latere vermelding van wijziging van het
geslacht toevoegt. Dit tijdstip geldt eveneens voor de wijziging van de voornamen, bedoeld
in artikel 28b, tweede lid.
2. De wijziging van de vermelding van het geslacht laat de op het in het eerste lid genoemde
tijdstip bestaande familierechtelijke betrekkingen en de daaruit voortvloeiende op dit boek
gegronde rechten, bevoegdheden en verplichtingen onverlet.
3. Indien de betrokkene na de wijziging van de vermelding van het geslacht een kind verwekt
dan wel een kind baart, wordt voor de toepassing van titel 11 en hetgeen daaruit voortvloeit
uitgegaan van het geslacht dat deze voor de wijziging had.

Artikel II
De Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens wordt als volgt gewijzigd:
1. In artikel 37, vierde lid, komt “in verband met een rechterlijke last tot wijziging van de
vermelding van het geslacht in de geboorteakte” te luiden: in verband met een wijziging van
de vermelding van het geslacht in de geboorteakte.
2. In artikel 81, derde lid, komt “in verband met een rechterlijke last tot wijziging van de
vermelding van het geslacht in de akte van geboorte” te luiden: in verband met een wijziging
van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte.

Artikel III
1. Gerechtelijke procedures als bedoeld in afdeling 13 van titel 4 van Boek 1 van het
Burgerlijk Wetboek, zoals deze afdeling tot het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet
luidde en waarin op dat tijdstip nog niet onherroepelijk is beslist, kunnen ook na dat tijdstip
geheel worden afgedaan op de voet van bedoelde afdeling.
2. Het voorschrift inzake de last tot wijziging van de vermelding van het geslacht, vermeld in
artikel 20, eerste lid, aanhef en onder a, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, zoals deze
bepaling luidde tot het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijft van kracht met
betrekking tot rechterlijke uitspraken waarvan om reden van het nog niet verstreken zijn van
de daar bedoelde termijn van drie maanden de last tot wijziging van de vermelding van het
geslacht nog niet kon worden uitgevoerd, alsmede ten aanzien van gerechtelijke procedures
die met toepassing van het eerste lid zijn voortgezet.
3. Het voorschrift inzake de last tot wijziging van de vermelding van het geslacht, vermeld in
artikel 37, vierde lid, en artikel 81, derde lid, van de Wet gemeentelijke basisadministratie
persoonsgegevens, zoals deze bepalingen luidden tot het tijdstip van inwerkingtreding van
deze wet, blijft van kracht met betrekking tot de last tot wijziging die is gegeven voor dat
tijdstip, alsmede in geval de gerechtelijke procedure met toepassing van het eerste lid is
voortgezet.


Artikel IV
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeries,
autoriteiten, colleges en ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de
hand zullen houden.
Gegeven
De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,